This page in English. Home / Terug

VierStromen
(Fly)Fishing the lowlands

Kunstaas

 en hoe er mee te vissen

Ik vis graag en veel met kunstaas. Het grote voordeel van kunstaas is dat het behoorlijk selectief is; grote vis heeft de neiging kunstaas te pakken en kleine vis niet. Dit volgt uit het dieet van vissen: kleine vis eet klein grut, grote vis eet groot grut en is vrijwel nooit een pure vegetariër. Dit laatste is belangrijk omdat kunstaas (uitgezonderd veel kunstvliegen) kleine tot niet zo kleine visjes nabootst.

Kunstaas soorten

Hoewel al het kunstaas een visje probeert na te doen zijn er vele wegen die naar Rome leiden, zoals:
  • –    twisters
  • –    shads
  • –    blinkers / spinners
  • –    lepels
  • –    pluggen
  • –    jerk baits
  • rubber met een lange staart.
  • rubber met een schoepstaart.
  • metalen kunstaas met een draaiend blad.
  • metalen kunstaas zonder bewegende delen.
  • namaakvisjes in hout of kunststof, vaak voorzien van een zwemlip.
  • namaakvisjes vaak zonder zwemlip, de actie wordt bepaald door aan de lijn te rukken.
(Dit is een lijstje waarvan ik niet de illusie heb dat het compleet is, maar voor nu werkt het prima. Kunstaas is als muziek elke derde persoon verzint er een genre bij.)

Kunstaas technieken

Kunstaasvistechnieken zijn ontwikkeld om specifieke vissoorten te vangen. Nu is het moeilijk tot onmogelijk om kunstaas er zo uit te laten zien dat er maar één soort vis op bijt, wat wel kan is een aassoort ontwerpen die precies die actie heeft waar een specifieke vissoort op reageert en die een werkdiepte heeft waar die vissoort meestal te vinden is. Wat wij aan de muur zien hangen in de hengelsportzaak aan kunstaas zijn pogingen om een ideale mix te vinden van actie en duikdiepte.

Elke soort kunstaas heeft zijn eigen technieken. Om geen boek te hoeven schrijven beperk ik me tot de technieken die ik het meest gebruik en die vanaf een boot goed werken op de grote rivieren.
In het kort zijn er maar drie opties: kunstaas wordt vanaf de boot naar veel belovende stekken geworpen, het wordt gesleept of van de bodem omhoog gevist. De bijbehorende technieken komen hieronder aan bod.

spinnen en werpen

Dit is een techniek die gebruikt wordt om stekken af te peuteren. Vanaf de boot kan zo'n 20 meter zonder problemen worden geworpen. Dat betekent dat de boot 20 meter weg kan blijven van obstakels en of oever. Op de rivier is een dergelijke buffer meer dan welkom. Overigens niet omdat de vis verstoord zou worden door de boot, vis trekt zich minder dan niets aan van een boot, maar vanwege de veiligheid.

Een groot voordeel van werpen vanaf een boot is dat er van de oever naar dieper water toe wordt gevist. Ik stel me zo voor dat een roofvis in de aanslag onze plug of spinner aan ziet voor dat ene visje dat net te ver uit de dekking van de stenen zwemt. Deze techniek werkt dan ook het best als het kunstaas op of net niet op, de oever landt en dan snel wordt binnengevist. De eerste, zeg, meter is de strike zone. Verder van de oever is de kans op een beet veel lager. Overigens lijkt deze techniek een recept voor veel verlies maar hoeft dat niet te zijn: na één slag met de molen heeft het kunstaas al een meter water onder de buik (taluds zijn steil langs de rivier). Het is dus zaak die slag te maken voor het kunstaas tussen de stenen is gezonken.

U kunt zich voorstellen dat deze techniek wel het een en ander vraagt van het gebruikte kunstaas. Kies geen hard kunststof of hout want u gooit het gegarandeerd kapot op de stenen. Voor dit werk zijn vooral spinners ideaal want van metaal en door het blad lopen ze mooi hoog.

Tussen de kribben of in het wijd is het een ander verhaal. Hier gaan we op zoek naar bodemstructuren. Taluds en gaten trekken vis. Ook hier is het de kunst met uw aas een dom visje te imiteren dat niet genoeg in dekking blijft.
Grote kribvakken hebben vaak een plateau in het midden. Het talud van dat plateau kan prima vanuit de neren van beide afsluitende kribben worden aangeworpen. Al het mogelijke kunstaas kan hier worden ingezet, afhankelijk van de waterdiepte.

Verder lezen:

Trollen of slepen

Snoek aan plug.
De trolplug bij uitstek, de Super Shad Rap, brengt een metersnoek in de boot.

Dit is de groot water methode bij uitstek. Het is ook de viszoektechniek bij uitstek. In principe is het niets anders dan het achter de boot slepen van kunstaas. Een soort "Vissen terwijl u vaart". Er zijn slechts twee variabelen: snelheid en diepte. En -het is niet waar!- die hangen samen. De truc is het kunstaas op de diepte van de vis te krijgen met een snelheid waarop de vis reageert.
Die snelheid is zeker van belang, een fractie te snel en je vangt alleen de dorpsgek onder de vissen.

Elk soort kunstaas kan gesleept worden. In mijn optiek is het vooral een kwestie van smaak en vertrouwen welke soort gekozen wordt. Wat geen kwestie van smaak is, is de duikdiepte van het gekozen kunstaas. Het kunstaas moet op de juiste diepte komen. Blijft de vraag: wat is de juiste diepte?
Hier komt ervaring, fingerspitzengefühl en wat experimenteren om de hoek kijken. Er zijn natuurlijk vuistregels: snoekbaars zit meestal diep, snoek staat graag in het groen, roofblei jaagt in de volle stroming etc. Maar dat is ook precies wat ze zijn: vuistregels. In werkelijkheid is elk water anders en moet er geëxperimenteerd worden om vis te vinden.
Gelukkig is er een eenvoudige methode die goede resultaten oplevert: veel hengels.
De methode is als volgt: gebruik twee hengels per persoon en varieer het kunstaas in tijd en per hengel, tot er één duidelijk favoriet is. Schakel dan over naar dat kunstaas.

Verticalen en diagonalen

Dit zijn beide bodemtechnieken die vooral worden ingezet voor snoekbaars. Bij het verticalen wordt een shad of twister onder de hengeltop neergelaten naar de bodem (verticaal). Bij diagonalen wordt een zelfde stuk rubber geworpen en schuin naar de boot terug gevist (diagonaal).
Dit zijn subtiele technieken die berusten op de actie van het rubberen kunstaas. Al het andere kunstaas moet door de visser actief bewogen worden, tot leven gewekt als het ware. Rubber niet of nauwelijks.

Sterker nog het is vaak hoe minder de visser doet, hoe beter. Om moeilijk te doen: het draait hier om statische controle waar elke andere techniek vraagt om dynamische controle.

Dit is het domein van de shads en twisters. Dit is kunstaas dat gemaakt is om te bewegen op de kleinste waterverplaatsing. De techniek bestaat er uit een heel klein beetje beweging mee te geven aan het kunstaas zonder het werkelijk veel te verplaatsen. Bij verticalen gebeurt dit door het kunstaas een klein eindje van de bodem op te tikken. Bij diagonalen door het een klein stukje naar je toe te tikken.
Dit laatste doet u door na het werpen te wachten tot de lijn slap valt: kunstaas heeft de bodem bereikt. Dan draait u zoveel lijn binnen dat u het kunstaas voelt en de hengel horizontaal is. Dan beweegt u de hengel omhoog tot bijna verticaal. Dit kan rustig in 1 haal, in een paar felle tikjes of in elke variatie die u maar wilt. Belangrijk is genoeg rust in te bouwen. Laat bijvoorbeeld als u een paar tikjes gebruikt, het kunstaas tussendoor terug op de bodem zakken (te voelen aan een tik op de hengel.) Controle is waar het om draait: laat de lijn niet slap vallen, tik niet te fel want dan maakt het kunstaas een salto (leuk voor roofblei niet voor snoekbaars). Misschien helpt dit: ik stel me snoekbaars altijd voor als een oude kater. Natuurlijk wil ie wel spelen maar een speeltje buiten poot bereik is duidelijk teveel gevraagd en van die moderne snel bewegende fratsen moet ie op de bak.

Dropshotten

Een variant op verticalen is dropshotten. Weer wordt het kunstaas neergelaten op de bodem maar dit keer zit het aan een enkele haak die aan een onderlijn is geknoopt op zo'n manier dat de haak er haaks op staat. Onder aan de onderlijn komt met een klemmetje een loodje in staaf vorm. Het idee is dat het loodje verplaatst kan worden en daarmee de hoogte van het kunstaas boven de bodem.
De montage wordt nadat het bodem heeft bereikt bijna niet bewogen. De bewegingen van de boot zorgen er voor dat het lood staafje steeds omvalt en daarmee het kunstaas (hopelijk) verleidelijk beweegt. Vooral in de winter bij flink koud water worden met dropshotten goede resultaten geboekt. Verder lezen: